Vorige pagina   Print

 U bent nu in: Bezienswaardigheid

Artikel uit Eindhovens Dagblad van 02-08-2004

Deuren open voor nostalgie in de Peel

Maandag 2 augustus 2004 - ASTEN – Veel nostalgie, vooral voor mensen uit de Peel. Het was gisteren voor een groot publiek mogelijk om zich te vergapen aan allerlei bijzondere verzamelingen. Stichting Museumkring Peelland uit Asten had georganiseerd dat particuliere verzamelaars hun deuren openzetten.

B
e
z
i
e
n
s
w
a
a
r
d
i
g
h

e
d
e
n

 

Wie heeft er ook interesante bezienswaardigheden?
E-mail >

 

 

 

Het is zo gek niet te bedenken of het is te vinden in museum M'n Hökske in Deurne van Thea Mansvelders.
(Foto Vincent Wilke)
 

Kenmerkend en tegelijk uniek is de kleinschaligheid van deze musea die vaak direct aan huis zijn te vinden en zelfs in woongedeeltes staan opgesteld. Zondermeer verassend is de kwaliteit die in de collecties wordt getoond en hartverwarmend is het enthousiasme waarmee de gedreven verzamelaars honderduit weten te vertellen. Zo iemand is Bep van Eeuwijk, eigenaresse van Museum Nostalgie in Lieshout. Bij haar loop je door een immens poppenhuis. Meer dan vijfhonderd poppen heeft ze in 35 jaar verzameld. Allemaal antiek of anders toch wel zeker wel zo’n zestig jaar oud. In haar huis staan deze poppen en etalagepoppen vaak opgesteld in een illustratief tafereel dat past bij de tijd waaruit de poppen stammen. Daarbij natuurlijk voorzien van de juiste kleding en attributen, zoals antieke kinderwagens of een ouderwets schoolbankje.

Beurzen

„Oude poppen die je nu nog kunt kopen dragen meestal onbruikbare kleding“, vertelt Bep van Eeuwijk. „Ik ga op zoek bij beurzen en streef er naar om die kleding te vinden die overeenstemt met de leeftijd van de pop.“ Ze laat een bijna antieke etalagepop zien die is gekleed in een prachtige jurk van Ierse kant, gemaakt in New York, alles uit 1906. „Ik ben een enorme perfectionist, ik stap weleens midden in de nacht uit bed om bijvoorbeeld een pop een iets andere houding te geven. Daar lig ik dan uren over te piekeren“, vertelt Bep van Eeuwijk.

Kampioen vertellen is zonder twijfel Thea Mansvelders van museum M’n Hökske in Deurne. Dat is ook niet zo vreemd want het betreft hier niet één museum maar minstens een tiental musea.

Archief

Je kunt het zo gek niet bedenken of Thea Mansvelders verzamelt het. Een heel archief met alle krantenberichten die zijn verschenen over Deurne en Zeilberg vanaf begin vorige eeuw. Mappen met allerlei documenten en formulieren uit de oorlog inclusief de roggebroodbonnen van bakkerij Coppus uit Deurne. De absentielijst van een school in Zeilberg vanaf 1950. Kauwgumplaatjes en veel prentjes van het rijke Roomse leven.

In het als winkel ingericht gedeelte van het museum vind je naast kassa’s en weegschalen ook originele koekblikken en pruimtabak van rond de oorlog die nog redelijk vers ruikt. Aan het plafond hangen allerlei dingen; van bromfietshandschoenen tot oude, opgerolde schoollandkaarten. Alle schappen en lades zijn vol en alles heeft een verhaal en die verhalen vertelt Thea Mansvelders.

Intussen is ze begonnen om ze op te schrijven. Dit alles vindt plaats achter haar huis in haar Hökske waar er vooral voor wordt gezorgd dat er niets verloren gaat. Zeker niets over Zeilberg en Deurne.

 

-_-_-_-